
“Waarom we moeten stoppen met cultuurverandering.”
Die kop las ik laatst in een nieuwsbrief van gedragsdeskundige Ben Tiggelaar. En eerlijk? Ik verslikte me bijna in m’n koffie.
Want kom op — in de voedingsmiddelenindustrie móét je toch bezig zijn met cultuur?
Het staat immers in alle GFSI-erkende normen. Denk aan BRC, IFS, FSSC22000 — allemaal stellen ze expliciete eisen aan het bevorderen van voedselveiligheidscultuur.
En dan roept Ben doodleuk dat we ermee moeten kappen? Maar goed, ik las verder.
Cultuur is abstract. Gedrag is concreet.
En toen viel het kwartje.
Wat hij eigenlijk bedoelde, was dit: cultuurverandering lukt zelden, omdat het vaak abstract en onzichtbaar blijft. En laten dat nou nét de perfecte ingrediënten zijn voor… mislukking.
Mensen veranderen namelijk niet door een “visie” of “kernwaarden op een poster”.
In plaats daarvan veranderen ze door kleine stappen, helder gedrag en voorbeeldgedrag van collega’s en leidinggevenden.
Gedrag dat je kunt zien. Kunt horen. Kunt nadoen. En kunt bekrachtigen.
Dus ja, stop met cultuur (als containerbegrip)
Het is net soep zonder lepel: je blijft erin roeren, maar komt nergens.
Wat wel werkt?
- Begin met één gedragsafspraak.
- Maak het zichtbaar.
- Herhaal het.
- Geef feedback.
- Maak het leuk.
Zo bouw je wél aan cultuur — via de voordeur van gedrag.
En het mooie is: ik ken bedrijven die dit écht doen.
Hoe dan? Ze boeken vooruitgang. Niet met dikke rapporten, maar met duidelijk gedrag dat leeft op de werkvloer.
Wil je weten hoe?
Wij verzamelen tools, trainingen, checklists en inspiratie — geen vaag gedoe, maar dingen die werken.
Neem gerust contact met ons op. Of beter nog: kom langs voor een kop koffie, of nodig een van ons uit. Dan praten we verder over waar je nú staat, en welke eerste stap morgen al verschil maakt.